In het begin schiep God de hemel en de aarde. (Genesis 1:1)
Achter dit overbekende eerste vers van de Bijbel zit meer dan je zo op het eerste gezicht denkt. Dat zit 'm onder andere in het eerste woord beresjit, wat meestal is vertaald als in het begin. God is begonnen de hemel en de aarde te maken. Hij is schepper, de schepping het maaksel. Er is daarom een afstand tussen de Schepper en het schepsel. Daardoor kun je je afvragen waarom God de hemel en de aarde maakte? Wat was Zijn doel eigenlijk? Velen denken dat Gods doel wordt aangegeven met ditzelfde eerste woord. In beresjit zit namelijk een ander woord verborgen: bajit of beit, wat huis betekent. God schiep een huis....om in te wonen.
In de beschrijving van de schepping in Genesis zien we hoe de Heer het huis inricht. Lichten, hemelen, wateren met dieren, aarde met bomen en gewassen en dieren. Na de inrichting van het huis brengt Hij de mens er in om er te wonen (Psalm 115:16). Maar niet voor de mens alleen. De Heer wil onder de mensen zijn: “En zij hoorden de stem (zie ook volgende maand) van de Heer God, die in de hof wandelde, bij de wind in de namiddag” (Genesis 3:8). De Heer wil samenwonen op aarde met de mens, ook met jou!
Omdat de aarde nog onder de vloek ligt (Genesis 3:17) kan de Heer nog niet samenwonen met de mens op de aarde. Maar Hij kan wel samenwonen met de mens in de Gemeente omdat dáár Gods Geest is. Daarom heet de gemeente (alle leden samen) maar ook ieder lid afzonderlijk ook huis van God. Zij zijn verlost van de vloek. Uiteindelijk zal ook de aarde verlost worden van de vloek. Want in Openbaring 21 lezen we over een nieuwe hemel en een nieuwe aarde: “en Hij zal bij hen wonen...God zelf zal bij hen zijn en hun God zijn”.
Gods doel voor jouw leven is: met jou samen te wonen in het huis van God .
Pastor Sieb Buiten
...een gedenkdag aangekondigd door bazuingeschal... (Leviticus 23:24)
Oliebollen, appelflappen, stollen, kniepertjes, nieuwjaarsrolletjes, wafels, champagne, nieuwjaarswensen, kerstboomverbranding, klokgelui en tenslotte vuurwerk. Zo geven wij vorm aan onze jaarwisseling.
In de Bijbel is terug te vinden dat God het begin van een nieuw jaar belangrijk vindt. Hij stelt het in als een rustdag en gedenkdag die moet worden aangekondigd met bazuingeschal. Geen vuurwerk of klokkengelui. Maar blazen op de Sjofar; een ramshoorn. Toen Israël om de muren van Jericho heen moest trekken werd ook op de ramshoorn geblazen. Het klinkt als een aankondiging dat de vorst in aantocht is. Net zoals de trompetten klinken als de koningin de Ridderzaal betreedt met Prinsjesdag; nu gaat er iets belangrijks beginnen! Jezus' tweede komst zal ook gepaard gaan met het blazen van de sjofar. Het nieuwe jaar beginnen wij met allerlei goede voornemens. Van stoppen met roken of afslanken tot gezonder leven. Maar binnen een week is daar meestal vrijwel niets meer van over. Dan worden we weer geleefd door de drukte van alle dag.
Nieuwjaarsdag, het hoofd van alle dagen, zo wordt het in de Bijbel genoemd. Een belangrijke dag waarmee een periode van tien dagen begint van bezinning en inkeer. Uitlopend op de Grote Verzoendag. De dag waarop de hogepriester het allerheiligste van de tempel mocht binnengaan om verzoening te doen voor heel het volk. Al onze goede voornemens blijken niet genoeg voor een heilig leven voor de Heer. Daarvoor is definitieve verzoening nodig. Verzoening die Jezus bracht door Zijn leven af te leggen aan het kruis en zó de weg vrij te maken. Een goed en zoet nieuwjaar, zo begroeten Joden elkaar onder het genot van veel zoete hapjes. Die symbool staan voor een gelukkig leven. En dankzij de verzoening van Jezus wensen wij elkaar ook een gelukkig nieuwjaar.
Pastor Sieb Buiten.
Ze zal een zoon krijgen en u moet Hem de naam Jezus geven (Mattheüs 1:21)
Ik bevond mij in een stilteklooster op de grens van Nederland en België. Net op de hoogte gebracht dat mijn vrouw in verwachting was, hoorde ik een stem die de naam Jonathan noemde. In de stilte klonk overduidelijk die stem die mij blijkbaar een zoon aankondigde. Jonathan betekent: geschenk van JaHWeH (JHWH=Gods Naam). Dat moment kan ik me nog erg goed herinneren. Het was alsof de Heer zei: je zal een zoon krijgen en je moet hem de naam Jonathan geven, want hij is een geschenk van mij. Wij hebben er nog een roepnaam bij gevonden; Matthanja, een koninklijke naam naar de laatste koning (Zedekia) van Juda. Dat precies hetzelfde betekent als Jonathan. Een dubbele gift met een extra chromosoom (syndroom van Down).
Dit overkwam ook Jozef toen een engel van de Heer hem verscheen in een droom. Maria zal zwanger worden en zij zal een zoon krijgen en u moet Hem de naam Jezus geven. Die naam Jezus is vol betekenis. In het oosten betekent een naam veel meer dan bij ons. Een naam zegt iets over wie je bent. Het geeft iemands identiteit aan. Zoals bij Nabal in 1Samuël 25. Nabal betekent dwaas en dus staat er over hem: “want zoals zijn naam is, is hij: Nabal is zijn naam en er is dwaasheid in hem”. Wie naar de betekenis van de namen zoekt in de Bijbel die ontdekt vaak dáár de sleutel tot het begrijpen van wat er staat. Zo ook bij de naam Jezus.
In de tijd van Jezus werden veel Joodse namen omgezet naar het Grieks, omdat dat de eerste taal was in het land. De Joodse naam voor Jezus is Jeshua. Wat weer een afkorting is van Jehoshua. De naam Jehoshua komen we onder andere tegen in het Bijbelboek Jozua, wat in het Grieks ook Jezus heet, die het volk het beloofde land in mocht laten trekken. En ook het Bijbelboek Hosea komt van dezelfde naam. Jehoshua betekent JaHWeH brengt redding, of JaHWeH zal redden. Daarom zegt de engel in een droom tegen Jozef: Maria zal een zoon krijgen en u moet Hem de naam Jezus geven, “want Hij is degene die zijn volk zal redden”. Zijn toekomst ligt al in zijn naam besloten. Hij is het die zijn volk zal redden. God komt zijn volk redden door deze mens; God en mens samen. Zoals de profeet Jesaja al voorzegd had in de naam Immanuël, wat betekent: God met ons.
Zo daalde Jeshua naar deze aarde af om redding te brengen voor zijn volk Israël. “Hij is het de zijn volk zal redden”. Maar in dat volk zou de gehele aarde gezegend worden. Zoals de Heer had beloofd aan Abraham, toen Hij zei: “Ik zal zegenen wie u zegenen, en wie u vervloekt, zal Ik vervloeken; en in u zullen alle geslachten van de aardbodem gezegend worden”. Gods plan strekt zich uit naar alle volken. Mensen uit alle volken mogen mede-erfgenaam worden van de beloften aan Abraham, Isaäk en Israël. Die beloften komen allemaal samen in die Ene persoon, Jeshua. Wie Hem aanvaardt zal gered worden. Hij wil ook jou redden van de zonde en van alles wat je hebt misdaan. Daar is geen twijfel over mogelijk. Want Jezus staat garant voor zijn naam.
In de geboorte van Jezus begint de redding voor jou en mij persoonlijk, maar ook die van de hele kosmos. De aarde was vervloekt om de zonde van de mens, omdat de mens uit de aardbodem was gemaakt. Door de mens te redden wordt ook de aarde gered. Jezus zal een einde maken aan alle honger en dorst en uitbuiting. Hij brengt mensen in de vrijheid die nu onderdrukt worden. Honger en dorst in letterlijke zin, maar ook in geestelijke zin. Jezus is de vervulling van al je verlangens. Zo is Hij je redding is alle moeiten van het leven.
Sieb Buiten voorganger
Gods bouwwerk ben ú. (1 Korinthe 3:9)
Als bewonderaar van de architectuur en interieurs van Dudok en Berlage ging er een tinteling door me heen toen ik het Raadhuis van Hilversum voor het eerst zag. Door het lijnenspel, het kleurgebruik, de aparte stenen en de lichtinval is het een prachtig gebouw om te zien. En het is dan ook niet vreemd dat het Raadhuis van Dudok over de hele wereld bewonderd wordt. In het Gooi staan ook prachtige villa's met fraaie rieten daken. En ons eigen gebouw mag er ook zijn; een stijlvolle villa met een fraaie kapel.
De gemeente is ook een prachtig gebouw! Wij zijn samen gemeente, een huis van God, een prachtige tempel. Omdat de Geest in de gemeente is uitgestort is de gemeente heilig voor God. Daar hebben we alles voor over. We mogen onze beste krachten daar aan geven en onze kostbare vrije tijd. Onze gaven en talenten beschikbaar stellen en ook ons inkomen. Paulus zegt dat ieder voor zich er op toe moet zien hoe je mee bouwt aan deze tempel, de gemeente. Niemand kan zeggen 'ik heb mijn tijd wel gehad' of 'ik ben niet capabel'. Het doet er namelijk ook niet toe wat je doet, maar hoe je het doet. Jouw houding bepaalt de kwaliteit en dát maakt het tot een prachtig gebouw voor God. Jouw eigen hartsgesteldheid bepaalt of je bouwt met goud of met stro. Bouwen met heel je hart en ziel betekent bouwen met goud. Samen je schouders eronder zetten. Voor de heilige tempel van God, de gemeente. Zodat het een prachtig gebouw wordt.
Sieb Buiten
Om deze reden buig ik mijn knieën (Efeze 3:14)
We zouden elkaar ontmoeten in een wegrestaurant om een geluidsopname te bespreken voor een commercial. Hij was, zo bleek later, een Pinksterbroeder en ik was een drukke ondernemer die de kerk zo'n beetje voor gezien hield. Al bleef ik wel de gewoonte houden om voor en na het eten te bidden. Handen vouwen en ogen dicht, zo klonk het in ons ouderlijk huis. Dus toen het eten werd geserveerd zei de Pinksterbroeder tegen mij dat ik nu vast wel van plan was mijn handen te vouwen en ogen te sluiten. Dat klopt, zei ik en voelde me betrapt. Maar als jij je ogen dicht doet en je handen vouwt kun je nooit zien dat de Heer in levende lijve bij jou komt, zei hij, en kun je ook niet aanpakken als Hij je iets te geven heeft. Wat moet ik dán doen, vroeg ik?
Zijn advies was om net als Paulus staande te aanbidden met opheffing van zijn handen en geopende ogen. Een krachtige houding om God te loven en te eren met je hele lijf. Alles op God en Zijn grootheid gericht. Maar Paulus kent zijn lichaamstaal. En in de gemeente van Efeze wil Hij van God afsmeken dat de alles overtreffende grootheid en onmetelijke kracht en oneindige liefde van God zichtbaar wordt door de gemeente. Om deze reden buig ik mijn knieën, schrijft hij. Jezelf zo klein mogelijk maken voor de grote God in een smekende houding.
Maar ook klappen en dansen omdat je blij en vrolijk bent met de Heer komt veel in de Bijbel voor. Zo zet je met je lichaam je woorden kracht bij. Je voegt de daad bij het woord. Daarom mag er in onze diensten ruimte zijn om ook met lichaamstaal te spreken. Want met zo'n grote en liefdevolle God mag je je handen dichtknijpen.
Sieb Buiten
zo zijn wij, hoewel velen, één lichaam in Christus (Romeinen 12:5)
Tijdens het klussen in ons nieuwe huis moest ik terug-denken aan het moment dat we een bezoek brachten aan het Russische Staatscircus. Je weet wel, met de wereldberoemde clown Oleg Popov. Eerlijk gezegd vond ik er geen biet aan. Weet je waar ik wèl van genoot? Hoe al die circusartiesten op elkaar waren in gespeeld. Dat liep gesmeerd. Had de temmer zijn dieren act gedaan, anderen stonden met nauwkeurige timing al klaar om de hekken weg te halen en verscheen Popov op het toneel. En nog maar net liet Popov het gordijn achter zich dichtvallen, of uit de hoge donkere ruimte kwam er een dame aan schommelen voor een gevaarlijke trapeze act. Zij had zich tijdens de clowns act in het donker in de hoogte voorbereid zonder dat iemand haar zag.
Eigenlijk is het een prachtig voorbeeld van hoe wij als gemeente met elkaar om (behoren te) gaan. Niemand leeft op zichzelf. Iedereen is afhankelijk van de ander. Paulus laat zien dat iedereen een gave van God heeft ontvangen om die in te zetten in de gemeente. Hoe beter we dat op elkaar afstemmen en samenwerken, hoe meer mensen in Hilversum en omgeving daarvan zullen genieten. Of je nu op het podium staat of achter de schermen werkt of thuis zonder dat iemand dat ziet. Het mag ook niet zo zijn dat er één teveel moet doen en daardoor dreigt te verzuipen in het gemeentewerk. We dienen elkaar bij te staan en aan te vullen. Zo zijn wij één lichaam in Christus. Niemand kan gemist worden. Als ieder, jonger of ouder, zich inzet en samenwerkt dan loopt het gesmeerd.
Sieb Buiten
En Hij gaf de menigte de opdracht op het gras te gaan zitten (Mattheüs 14:19).
Met al die regen van de afgelopen weken moet ik er niet aan denken om in het gras te gaan zitten. Dan moet je je direct zorgen maken over een nat pak. De volgelingen van Jezus waren ook bezorgd, niet omdat het nat was maar omdat het al avond begon te worden. Ze wilden de menigte die Jezus volgde zonder eten weg sturen zodat iedereen voor donker thuis zou zijn. Maar Jezus gebaarde dat iedereen op het gras moet gaan zitten.
Bijbel lezen is heel erg leuk en interessant omdat er zoveel ogenschijnlijk onbelangrijke dingen in staan waar je gemakkelijk overheen leest. Maar elk detail in de Bijbel heeft een betekenis. Niets staat er zomaar. Als je oog krijgt voor dit soort details wordt Bijbel lezen een uitdaging.
Jezus gebaart dat de volgelingen op het gras moeten gaan zitten zodat zijn discipelen de menigte te eten kan geven. Maar er is nauwelijks iets te eten. Want met 5 broodjes haring kun je niet 5000 monden voeden. Eigenlijk staan ze met lege handen. Maar Jezus laat zien dat wie zijn broodje door Jezus laat breken wel voldoende heeft om een menigte te voeden. Dan is er genoeg, ja er is zelfs een ruim overschot.
Dit doet mij erg denken aan Psalm 23 waar staat dat de Heer ons als een herder voert naar grazige weiden: ga maar op het gras zitten. Een overvloedige maaltijd en een overstromende beker zal het gevolg zijn. Jezus laat zien dat Hij die goede Herder is die overvloed geeft.
Hoe vaak hebben wij niet het gevoel met lege handen te staan? We zijn een kleine gemeente en hebben misschien voor ons gevoel weinig te bieden. Maar wie zijn aandeel aan Jezus aanbiedt die kan uitdelen en mandenvol overhouden. Doen we de dingen uit onszelf dan schieten we altijd te kort. Maar wie zijn geestelijke gaven en talenten aanbiedt aan Jezus en zich zó inzet in de gemeente die kan met een gerust hart uitdelen. Ook het weinige dat er is vermenigvuldigt de Heer zodat een menigte van mensen in Hilversum en omgeving gezegend zal worden.
Sieb Buiten
Want zie, Ik schep een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Aan de vorige dingen zal niet meer gedacht worden, ze zullen niet meer opkomen in het hart (Jesaja 65:17, HSV).
Bijzondere vakanties blijven je altijd bij. Zo zaten wij eens in een klein huisje tegen de bosrand ergens in Luxemburg. We lazen het berichtje in de krant onder de rubriek 'vakantiehuisjes'. Het leek ons prachtig. Toen we daar aankwamen realiseerden we ons opeens dat een huisje ergens in de rimboe natuurlijk nooit stromend water en elektra kon hebben. De verlichting bestond uit primitieve olielampjes. Water kwam uit een wel uit de grond opzetten dat werd opgevangen in een grote bak in het bos. Elke ochtend moest ik met een oude bromfietsmotor, dat nu dienst deed als pomp, water uit de bak naar een badkuip op zolder pompen. De badkuip had weer verbinding met de waterkraan in de keuken. Om een warme douche te hebben moest ik eerst hout sprokkelen in het bos. Onder een grote boiler was ruimte om met een vuurtje van sprokkelhout het water warm te stoken. Het was erg primitief. Regelmatig denk ik eraan terug.
Het vakantieseizoen is deze maand weer begonnen. Scholen hebben of krijgen straks vrij en campings stromen vol. We staan in de file om met de caravan of vouwwagen naar het buitenland te gaan. Anderen verkeren in de gezegende omstandigheid naar een huisje of hotel toe te gaan. Maar er zijn er ook die geen geld hebben om op vakantie kunnen. Bij wie het vakantiegeld, als het er al is, meteen op moet gaan aan andere verplichtingen. Er zijn gezinnen waarvan de kinderen nog nooit op vakantie zijn geweest. Weer anderen kunnen om gezondheidsredenen niet op vakantie gaan. Zo brengt ieder op zijn of haar manier het zomerseizoen door en zoekt naar mogelijkheden op adem te komen...recreatie.
De profeet Jesaja kreeg van de Heer de opdracht perspectief te bieden in de uitzichtsloze situatie van alledag. Een tijd waarin mensen tegen God in opstand komen en van God vervreemd zijn. Mensen zijn moe en afgemat, maar toch op zoek naar een beetje geluk. Uiteindelijk zal al dat gezwoeg niets anders opleveren dan ellende. De lang aangekondigde ballingschap zal een feit worden. Jeruzalem en de tempel worden verwoest. De tijd van Jesaja doet me erg denken aan onze tijd. Mensen zijn sterk op zoek naar geluk en verwachten dat meer geld meer geluk brengt. De waarheid van de Bijbel is voor de meesten niet meer dan een sprookje geworden. Wat moet je met een Bijbel waar je met je verstand niet bij kunt, denken velen? De meesten hebben daarom God vaarwel gezegd en kerken stromen leeg. En wat levert al dat gezwoeg jou op? Jesaja mag dan het volk boven de dagelijkse sores uittillen. Hij mag alles in het juiste perspectief zetten. De Heer kondigt aan: Ik maak een nieuwe hemel en een nieuwe aarde en aan de vroegere dingen wordt niet meer gedacht. God gaat recreëren. Werkelijk genieten en blij zijn, geen sterfte meer, geen ziekten. Wolf en lammetje zullen vredig samen weiden. God zelf zal bij mensen zijn en bij hen wonen. Geen tranen meer, geen rouw of moeiten. Aan de moeiten van onze tijd zal niet meer worden gedacht. Het komt niet meer in herinnering.
Belangrijke levenslessen:
1) Bezie alle dingen in Gods perspectief. Zoals een arend hoog in de lucht neerziet, zo worden wij opgetild boven onze situatie. Wat wij als muren zien of waar wij als een berg tegenop zien, zijn van bovenaf slechts streepjes en vlekjes waar je zo overheen kunt stappen, schreef Joni (*). God overziet heel het leven en geeft ons in de Bijbel alvast een kijkje in de toekomst. Dat helpt ons onze eigen situatie te relativeren en moed te geven om door te gaan.
2) Geef ruimte aan iets nieuws. God zelf creëert een nieuwe hemel en aarde. Hij vernieuwt de aarde in de seizoenen. Elk seizoen heeft zijn eigen kleur. Ook vernieuwt Hij onszelf van binnen door de heilige Geest. Dat geeft ons ruimte om aan iets nieuws te beginnen.
Er is een nieuwe tijd aangebroken voor Pinkstergemeente Elim nu ik uw voorganger ben geworden. Samen zullen we met vertrouwen en in het perspectief van Gods vooruitzichten de toekomst tegemoet gaan. Het is nu de tijd voor recreatie.
Sieb Buiten, voorganger, juli 2011
(*) Joni Eareckson Tada in De Hemel
Voordat Jezus naar de hemel terugkeerde beloofde Hij zijn leerlingen dat zij de Heilige Geest zouden ontvangen,(Handelingen 1:8). Met de steun en kracht van zijn Geest trokken ze inderdaad met het evangelie de wereld in. Na de eerste bekrachtiging door de Heilige Geest hebben veel gelovigen dezelfde bekrachtigende ervaring gekregen. De kerkgeschiedenis vertelt van toegewijde mannen en vrouwen die met gelijke krachten als de eerste leerlingen het evangelie met bovennatuurlijke tekenen verkondigden.
De geschiedenis toont echter helaas aan dat de toenemende lauwheid en starre institutionalisering van de kerk het bewust ontvangen van de vernieuwende kracht van de Heilige Geest grotendeels verdrongen. De gelovigen die de kracht van de Geest zochten en ontvingen werden dikwijls als extreem en ketters beschouwd en vervolgd. De leer van de Roomse Kerk stelde al snel dat de Geest in de Kerk aanwezig is en dat er geen persoonlijke bekrachtiging nodig is. Voor de Reformatorische Kerken is de Geest vooral in het Woord aanwezig en in de 'zuivere' prediking' ervan. Het zoeken naar de kracht van de Geest met de buitengewone verschijnselen zoals die zich bij die eerste uitstorting voordeden werden als onnodig extremisme en gevaarlijke geestdrijverij beschouwd.
In Amerika zochten rondom de eeuwwisseling van de 19e op de 20 eeuw jonge Christenen in opleiding op een Bijbelschool naar een ervaring zoals de eerste Christenen hadden gekregen. Zij waren ervan overtuigd geworden dat zij - teneinde echt effectief te zijn in het werk van het evangelie - de bekrachtiging van de Heilige Geest nodig hadden. Zij begonnen er vurig en aanhoudend voor te bidden met als resultaat dat de kracht van de Geest op hen viel met dezelfde verschijnselen zoals die zich in Handelingen 2 manifesteerden. Het nieuws erover verspreidde zich over Amerika en de gehele wereld. Velen stroomden naar de bijeenkomsten in Los Angelos, ontvingen er ook de bekrachtiging en keerden geheel vernieuwd terug naar hun kerken. Deze opwekking is later het 'Azusa Revival' genoemd. Het geestesvuur verspreidde zich als een lopend vuur over de gehele wereld: De eerste Nederlandse gelovige was mevr. Polman die in 1907 met de Heilige Geest werd gedoopt en daarna haar man Gerrit Polman in Sunderland, Engeland, in 1908. Zij richtten de eerste Pinkstergemeente op in Amsterdam. Er gebeurden wonderen van redding, bevrijding en genezing.
Er kwamen voortdurend in Nederland Pinkstergemeenten bij. Getalsmatig is zij, als kerkelijke stroming, echter in de marge van de Nederlandse samenleving gebleven. De beweging heeft met haar blijvende nadruk op de bekrachtiging door de Geest en de daarbij gepaard gaande verschijnselen velen tot nieuwe bezinning op het werk van de Heilige Geest gebracht. Zowel in de Rooms Katholieke als de Reformatorische en Evangelische Kerken zijn er velen, waaronder ook ambtsdragers, die na vurig gebed en oprechte overgave de Geest met zijn kracht hebben ontvangen. In alle kerken zijn er nu gelovigen die kunnen getuigen van een doop met de Heilige Geest, het spreken in tongen, profeteren en het opleggen van de handen om zieken te genezen in de Naam van de Heer Jezus. Er is er sinds het midden van de vorige eeuw een invloedrijke charismatische stroming in de grote, historische kerken ontstaan.
Het is bemoedigend dat de Heer nog steeds gelovigen vervult met de Heilige Geest. Als de kracht van de Geest op ons valt zullen we er van doordrongen moeten zijn dat ons gewone leven een geheel nieuwe invulling zal krijgen. Zijn we hiervoor gereed als we bidden: "Vul ons opnieuw met uw Geest, Heer."
T. J. de Ruiter, juni 2011